Verzorging

De nogal lange en dichte vacht van de landseer vraagt regelmatige verzorging in de vorm van borstelen. Doet men dit niet, dan wordt de vacht dof en kunnen zich klitten-vormen. Deze klitten zijn doorgaans moeilijk te verwijderen. Probeert men ze met kam en borstel uit te trekken, dan doet dit de hond pijn. Voorzichtig wegknippen met een schaar blijft dan over en is dit nu niet zonde van de mooie vacht?

De ogen kunnen het beste iedere dag met een in lauw water gedrenkt watje of papieren zakdoekje van buiten naar binnen worden afgeveegd.

Ook de oren moeten schoon zijn. Normaal is er geen extra verzorging nodigt maar door de hangende oren kan zich overvloedig oorsmeer vormen. Om de mogelijkheid van oorontstekingen te vermijden, kunt u daarom het beste zo nu en dan de oren reinigen met een speciale tonic, die bij iedere dierenarts verkrijgbaar is.

Zolang de hond op een stevige, stenige ondergrond loopt slijten de nagels vanzelf af. Vindt er toch onvoldoende afslijting plaats, dan kunnen ze worden afgeknipt met een stevige nageltang. Dit mag niet te ver gebeuren, want dan bestaat de kans, dat in het bloedrijke weefsel wordt geknipt. Dit is voor de hond een bijzonder pijnlijke gebeurtenis. Bovendien zal hij zich dan de volgende keer gaan verzetten.

De haren die tussen de tenen groeien kunnen nog wel eens te lang worden. Als ze afgeknipt worden, voorkomt men dat er in de winter ijs klonters tussen gaan zitten.

Op de tanden en kiezen kan zich aanslag vormen. Door de hond te laten knagen op buffelhuid en botten, kan het ontstaan van tandaanslag echter vaak worden voorkomen. Vormt zich tandsteen op het gebit, dan kan dit door de dierenarts worden verwijderd.

Tenslotte: het wassen van de hond. Hier is een waarschuwing op zijn plaats. Was de hond nooit met een shampoo die voor mensen bestemd is. De hond verliest hierdoor het beschermende vet van de ondervacht. Gebruik alleen speciale hondenshampoos.

Daar de landseer een voorliefde heeft voor water, is het -bovendien aan te raden hem in schoon water te laten zwemmen- dit komt niet alleen zijn vacht ten goede, maar ook –en vooral - zijn conditie. Dit alles zonder zijn bottenstelsel te overbelasten.

 

VOEDING

De voedselbehoefte hangt af van diverse factoren. Daarom is het bijzonder moeilijk hierover een exacte uitspraak te doen. Een en ander hangt af van de leeftijd, het gewicht, de maat en de hoeveelheid beweging die de hond heeft.

Enkele algemene opmerkingen kunnen echter toch worden gemaakt. Sommige fokkers geven de voorkeur aan het zelf samenstellen van de dagelijkse voeding voor hun hond. Anderen zijn van mening, dat goed volledige hondevoer het beste is.

Eén ding is zeker: wil men geen risico lopen, dan verdient het goede volledige hondenvoer de voorkeur. Belangrijk bij alle grote hondenrassen, dus zeker ook bij de landseer, is wel dat vooral niet mag worden overvoerd. Elke gram die de jonge landseer teveel moet meedragen, betekent extra en onnodige belasting van zijn bottenstelsel. Om die reden kan er niet genoeg op worden gewezen, dat men de landseer schraal moet opfokken. Zeker tot een leeftijd van anderhalf jaar moet men de ribben zeer duidelijk kunnen voelen. Pas na die leeftijd kan men wat extra gaan voeren om de hond wat zwaarder te laten worden. Dat wil zeggen, dat de hond forser wordt. Op de leeftijd van twee tot twee en een halfjaar is dit proces pas voltooid. Na deze leeftijd kan het lichaam voluit belast worden. Verdere informatie over voeding kunt u het beste van uw fokker krijgen. Immers, zien zijn honden er gezond en levenslustig uit, dan is dit voor u een indicatie, dat zijn voedingswijze voor de honden goed is.