Werkgroep Fokkerij & Gezondheid.

 

Verenigingsfokreglement

 

 

 

Nederlandse Landseer E.C.T. Vereniging

 

 

voor het ras: LANDSEER E.C.T.

 

 

 

Uitgangspunten en toelichting bij het VerenigingsFokReglement (VFR)

 

  • De artikelen in zwarte tekst zijn verplicht.

 

  • De relevante artikelen in het Kynologisch Reglement (KR), ofwel het Basis

Reglement Stambomen, zijn met meerderheid van stemmen door de bij de Raad van Beheer aangesloten verenigingen aangenomen. Daar deze artikelen per definitie verplicht zijn, zijn deze in het zwart opgenomen.

 

  • Bij de artikelen met een zwarte én een grijze tekst kan de rasvereniging, afhankelijk van de situatie van het ras, kiezen voor de zwarte óf de grijze tekst. Als alleen een grijze tekst is opgenomen, betekent dit dus dat het aan de rasvereniging is om dit artikel al of niet op te nemen.

 

  • Een aantal aandachtsgebieden in het fokreglement is bewust alvast in het zwart opgenomen, ook al zijn deze niet op ieder ras van toepassing. Dit om een ieder bewust te maken van het belang ervan binnen de rashondenfokkerij. Indien niet van toepassing kan de tekst in grijs genegeerd worden en worden volstaan met de vermelding van ‘niet van toepassing’ of ‘geen’.

 

  • Per hoofdstuk kunnen rasverenigingen in het Verenigingsfokreglement

opgenomen artikelen verzwaren en nieuwe artikelen, mits deze niet in strijd zijn met het KR, toevoegen.

 

  • De naleving van het Kynologisch Reglement wordt gecontroleerd door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

 

  • De betreffende rasvereniging controleert op naleving en zorgt voor handhaving van het Verenigingsfokreglement.

 

  • Alle bij de Raad van Beheer aangesloten verenigingen zullen gebruik gaan maken van dit format: VerenigingsFokReglement (VFR). De Raad van Beheer levert hiervoor een digitaal document aan met de verplichte hoofdstuk/ paragraafindeling (zoals in dit concept in zwarte letters is aangegeven). De Raad van Beheer zal de verenigingsfokreglementen te zijner tijd op specifieke relevante punten controleren. Indien aan de verplichte hoofdstuk en paragraafindeling gesleuteld wordt door de RV, wordt deze niet goedgekeurd.

 

 

 

  1. ALGEMEEN

1.1. Dit reglement voor de Nederlandse Landseer E.C.T Vereniging, hierna te noemen de vereniging beoogt bij te dragen aan de behartiging van de belangen van het ras Landseer E.C.T. zoals deze zijn verwoord in de statuten en het huishoudelijk reglement van de vereniging. Dit Verenigingsfokreglement (VFR) is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering van de vereniging op 14-04-2013. Inhoudelijke aanpassingen van het VFR kunnen uitsluitend plaatsvinden met instemming van de algemene ledenvergadering van de N.L.V

    1. Dit Verenigingsfokreglement (VFR) geldt voor alle leden van de vereniging voor de Landseer E.C.T, woonachtig in Nederland.

    2. Het bestuur van de vereniging verplicht zich, de door de Algemene Vergadering van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vastgestelde wijzigingen van het Kynologisch Reglement (KR), die betrekking hebben op dit Verenigingsfokreglement, terstond hierin door te voeren. In tegenstelling tot het gestelde in artikel 1.1 behoeven deze wijzigingen niet de goedkeuring van de algemene ledenvergadering van de vereniging.
      Dit ontslaat de individuele fokker niet van de plicht, zelf op de hoogte te zijn en te blijven van recente wijzigingen in het KR, ook als het bestuur van de vereniging hier in gebreke blijft.

    3. Voor wat betreft de omschrijving van de in dit VFR genoemde definities gelden de omschrijvingen zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

    4. Voor wat betreft de externe regelgeving gelden de regels zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

    5. Inschrijving van een nest in de Nederlandse stamboekhouding (NHSB) door de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vindt plaats conform de regels zoals vastgelegd in het Kynologisch Reglement.

 

  1. FOKREGELS

Artikel VIII.2 KR in samenhang met regels van de vereniging.

2.1. Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar zoon of haar kleinzoon.

Pups, voortgekomen uit één van de genoemde combinaties, zullen niet in het NHSB worden ingeschreven (Artikel VIII.2 KR en Artikel III.14 lid 1l KR)

Naast bovenstaande verwantschappen zijn ook de volgende combinaties niet toegestaan:

* Halfbroer X halfzus

* Combinaties waarvan de Inteelt Koëfficiënt ( IK ) hoger is dan 3,5% en/of de Ahnen Verlust Koëfficiënt ( AVK ) lager is dan 85%.

 

2.2. Herhaalcombinaties:

Dezelfde oudercombinatie is maximaal twee (2) maal toegestaan.

2.3. Minimum leeftijd reu:

De minimale leeftijd van de reu op de dag van de dekking moet tenminste 18 maanden zijn.

    1. Aantal dekkingen:

De reu mag in Nederland maximaal 5 (vijf) geslaagde dekkingen per kalenderjaar verrichten met een totaal van maximum 15 (vijftien) geslaagde dekkingen gedurende zijn leven.

Voor dekkingen in het buitenland gelden de regels aldaar.

Als geslaagde dekking geldt een dekking waaruit minimaal één levende pup is voortgekomen en ingeschreven in het NHSB.

NB 1: In bijzondere omstandigheden zal een nest niet worden ingeschreven in het NHSB (artikel III.14 KR). Ook dan wordt uitgegaan van een geslaagde dekking.

NB 2: indien sperma wordt gebruikt van de reu voor kunstmatige inseminatie (KI), telt dit mee als een ‘dekking’.

2.5. Cryptorchide en monorchide: cryptorchide of monorchide reuen zijn uitgesloten van de fokkerij.

2.6. Gebruik buitenlandse dekreuen: Wanneer een lid van de vereniging voor een dekking een niet in Nederlands eigendom zijnde reu, welke wel staat ingeschreven in een door de FCI erkende stamboekhouding, wil gebruiken dan dient deze bij voorkeur te voldoen aan de gezondheidseisen zoals deze door de vereniging gesteld worden.

Daar nog niet elk land dezelfde regels en/of normen hanteert, dient de buitenlandse reu minimaal te voldoen aan de eisen die in dat betreffende land voor dekreuen gelden.



  1. De uitslag van de in het betreffende land uitgevoerde gezondheidsonderzoeken (met name HD en ED) en de kwaliteit van het onderzoek dienen vergelijkbaar te zijn met de onderzoeken zoals deze door de vereniging in dit VFR zijn opgenomen

  2. De controle of de dekreu aan de eisen van dit fokreglement voldoet is de verantwoordelijkheid van de fokker.



2.7. Kunstmatige inseminatie (sperma van levende en/of overleden dekreuen): als een fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een nog in leven zijnde/of overleden dekreu, dan gelden voor deze dekking de regels van dit Verenigingsfokreglement alsof het een natuurlijke dekking van de dekreu betreft.

 

 

  1. WELZIJNSREGELS (Artikel VIII.1 KR)

3.1. Een teef mag niet worden gedekt vóór de dag waarop zij de leeftijd van 24 maanden heeft bereikt.

 

3.2. Een teef, waaruit niet eerder pups zijn geboren, mag niet worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 60 maanden heeft bereikt.

 

3.3. Een teef, waaruit eerder pups zijn geboren, mag niet meer worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 96 maanden heeft bereikt.

 

3.4. Een teef mag niet meer worden gedekt na de dag waarop haar vierde nest is geboren.

 

3.5. Een teef mag niet worden gedekt binnen 10 maanden na de dag van een dekking van een vorig nest van die teef.

 

3.6. Een teef mag niet worden gedekt binnen 24 maanden na de dag van de dekking van een voorvorig nest van die teef.

 

3.7. Keizersnede: Een teef mag niet meer gedekt worden indien zij tweemaal een geboorte heeft ondergaan via een keizersnede.

 

 

 

 

  1. GEZONDHEIDSREGELS

4.1. Gezondheidsonderzoek (screening) ouderdieren: preventieve screening van ouderdieren moet, als het gaat om: HD onderzoek, ED onderzoek, oogonderzoek en doofheidonderzoek, plaatsvinden door deskundigen die erkend zijn door de Raad van Beheer conform de door de Raad van Beheer voor deze onderzoeken opgestelde en/of goedgekeurde onderzoeksprotocollen.

4.2. Verplicht screeningsonderzoek.

Op basis van wetenschappelijk onderzoek zijn de volgende gezondheidsproblemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren vóór de dekking worden onderzocht op:

 

* Thrombopathia via DNA- test. Deze test is niet nodig als de hond is gefokt uit een combinatie van 2 Thrombopathia vrije ouderdieren.

* HD Heupdysplasie:

Honden met de uitslag HD-C mogen uitsluitend gebruikt worden in combinatie met honden die een uitslag HD-A of HD-B hebben.

* ED Elleboogdysplasie.

 

Honden met de uitslag ED-1 en ED-2 mogen alleen gebruikt worden met honden die een uitslag ED-VRIJ hebben.

Tussen honden die een beoordeling ED-VRIJ hebben is elke

combinatie mogelijk.

Daarnaast moeten in het kader van de preventie van erfelijke afwijkingen de ouderdieren vóór de dekking onderzocht worden op:

* Erfelijke oogafwijkingen:

Beide ouderdieren dienen ten hoogste 12 maanden voor de dekking te zijn onderzocht op erfelijke oogafwijkingen, Honden dienen Vrij te zijn van de volgende erfelijke oogafwijkingen van de oogbol.

* Membrana Pupillaris Persistens

* Persisterende Hyperpl. Tunica Vasculosa

* Cataract * Retina Dysplasie

* Hypoplasie-Micropapilla * Collie Eye Anomaly

* Entropion/Trichiasis * Ectropion/Macroblepharon

* Distichiasis / Ectopische cilie * Cornea dystrophie

* Cararact ( niet – congenial ) * Lensluxatie (primair)

* Retina degeneratie (PRA)

Buitenlandse dekreuen dienen te voldoen aan de daar geldende

eisen.

 

4.3. Aandoeningen: met honden die lijden aan een of meer van onderstaande aandoeningen mag niet worden gefokt.

* met de uitslag HD-D en HD-E.

* met de uitslag ED-3.

* met een erfelijke oogafwijking. Zoals beschreven in 4.2

* met lijders aan epilepsie.

* lijders en dragers van Thrombopathia.



4.4. Diskwalificerende fouten:

Met honden met onderstaande diskwalificerende fouten mag niet worden gefokt.

  • Het is niet toegestaan te fokken met honden waarvan de oren niet volledig zwart zijn of de ogen niet volledig in het zwart zitten.



5. GEDRAGSREGELS

  1. Karaktereisen: Beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen zoals redelijkerwijs van het betreffende ras mag worden verwacht.

5.1.1. Met dieren die lijden aan agressiviteit, angst of nervositeit mag niet worden gefokt.

5.1.2. Als een buitenlandse reu wordt gebruikt, gelden de regels zoals deze in het betreffende land gelden.

5.2. Verplichte gedragstest: Voor dit ras is een verplichte gedragstest niet van toepassing.

 

  1. WERKGESCHIKTHEID

6.1 Voor dit ras is een verplichte werkgeschiktheidtest niet van toepassing

 

  1. EXTERIEURREGELS

 

7.1. Kwalificatie: Beide ouderdieren moeten minimaal 2 (twee) keer hebben deelgenomen aan een door de Raad van Beheer en/of FCI gereglementeerde expositie en daar minimaal de kwalificatie Zeer Goed (ZG) op elke expositie hebben behaald.

 

7.1.1. Een van deze kwalificaties moet behaald zijn op een door een rasvereniging georganiseerde (Kampioenschaps)clubmatch in binnen- of buitenland.

 

 

De kwalificaties moeten zijn behaald op een leeftijd van minimaal 15 maanden echter niet in de Jeugdklasse en de beoordeling moet zijn gegeven door 2 verschillende keurmeesters.

 

7.2. Fokgeschiktheidskeuring: Fokgeschiktheidskeuringen zijn niet van toepassing.

 

7.2.1. Wel kan een reu of teef, die niet voldoet aan punt 7.1 door 2 erkende rasspecialisten beoordeelt worden. De minimale leeftijd voor een reu is achttien (18) maanden, een teef moet minimaal vierentwintig (24) maanden zijn.

De kosten van deze aankeuring komen ten laste van de aanvrager.

 

 

  1. REGELS AFGIFTE PUPS, WELZIJN PUPS

 

    1. Ontwormen en enten: de fokker draagt zorg voor het deugdelijk ontwormen en inenten van de pups volgens gangbare veterinaire inzichten en voor een volledig door de dierenarts ingevuld en ondertekend Paspoort voor Gezelschapsdieren. De pups dienen bij aflevering adequaat ontwormd te zijn en zij dienen voorzien te zijn van een unieke ID transponder.

    2. Aflevering pups: de pups mogen niet eerder worden afgeleverd dan op de leeftijd van 9 weken. Tussen de eerste enting en de overdracht aan de nieuwe eigenaar moeten minimaal 7 dagen zitten.

    3. Nestinventarisatie: Alle fokkers van de vereniging verplichten zich mee te werken aan een nestinventarisatie. De inventarisatie door of vanwege het bestuur ingeschakelde personen vindt plaats middels een standaard formulier als de pups tussen de zes (6) en negen (9) weken oud zijn. Wanneer bij de nestinventarisatie zeer ernstige erfelijke fouten worden geconstateerd aan meerdere pups kan het bestuur de fokker er schriftelijk op wijzen dat herhaling van deze combinatie verboden is. Een fokker kan tegen deze beslissing in beroep gaan bij het bestuur. .


9. SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

9.1. Dit reglement is niet van toepassing op nesten die geboren worden uit een teef gedekt op of voor de dag waarop dit reglement in werking treedt.

9.2. Gezondheidsuitslagen, exterieur, gedrags- en/of werkkwalificaties die zijn afgegeven en/of voor de inwerkingtreding van dit reglement hebben plaatsgevonden, worden geacht onder de werking van dit reglement te zijn inbegrepen.

 

 

9.3. In bijzondere gevallen kan de vereniging bij een besluit met betrekking tot het toestaan van een bepaalde combinatie afwijken van dit VFR, indien de belangen van het ras daardoor worden gediend. Een besluit op basis van dit lid wordt met redenen omkleed naar de leden van de vereniging gecommuniceerd.

9.4 Dek-en geboorteberichten. De eigenaar van de teef dient ervoor te zorgen dat de dekking binnen drie (3) weken en de geboorte binnen tien (10) dagen na de betreffende datum bij het secretariaat van de vereniging bekend zijn. Daartoe kan gebruik worden gemaakt van een kopie van de gegevens die verstuurd worden naar de Raad van Beheer.

9.5 Van alle dekkingen en geboortes, die volledig voldoen aan dit Verenigingsfokreglement, zal melding worden gemaakt op de site van de vereniging en in het eerstvolgende clubblad. Hierbij zullen de volgende kwalificaties worden gebruikt:

“Voldoet aan het Verenigingsfokreglement” of

“Voldoet aan het Verenigingsfokreglement na dispensatie artikel X”

Als een nest niet voordoet aan het Verenigingsfokreglement zal een negatief advies gegeven worden aan geïnteresseerden

 

10. INWERKINGTREDING

10.1 Dit Verenigingsfokreglement treedt in werking op 01-07-2014, nadat het reglement is goedgekeurd door het bestuur van de Raad van Beheer conform de artikelen 10 HR en VIII. 5+ 6 KR.

 

 

Aldus vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van de Nederlandse Landseer ECT Vereniging.

 

op 14-04-2013

Getekend op 19-09-2013

 

De vice-voorzitter,                                                                                                                                           De secretaris,

J.H.M.Koenraat                                                                                                                                                 H.M. Hoogland-Jonk